Natuur

Gek toch… wij mensen verbazen ons over de lange winter, de koude lente. De natuur zegt niks maar wacht met uitlopen tot de temperaturen een beetje aangenaam zijn. En dan, dan volgt er een groeispurt. Want nog nooit heb ik de bomen en struiken zo snel in bloei zien komen. Was er eerst nog geen zweempje blad of bloem te zien, in een paar dagen staat alles in volle bloei. Jammer dat het dan ook weer zo snel weg is, maar laten we niet klagen. Gewoon genieten van al dat moois…. Geweldig toch?

Lente

Soms dachten e dat het nooit meer zou komen, die lente. Maar nu is ze er dan toch. Alle bomen en bloemen hebben haast om uit te komen. Eerst is er nog niks en dan, ineens, zie groen alom. Heerlijk!! Genieten!!

Visite

Nu de dagen kouder en korter zijn, komt er zo nu en dan een grote reiger in onze tuin. Hij staat op de rand van de vijver en kijkt of er iets te snaaien valt. Soms vangt er een een kleine salamander. Maar gek genoeg liet hij die ook weer vallen. Misschien was dat een beetje onhandig type. Zijn honger stilde hij in elk geval niet erg.
Ik vind zo’n beest beslist erg mooi, maar ben toch niet zo blij met zijn komst.
Te groot, te veel aanwezig, een beetje buiten proportie. Hopelijk poept ie niet, want een reigerflats is enorm en stinkt als de hel. Maar ja, hij komt en hij gaat zo hij wil. Aan mij wordt niks gevraagd en wegjagen, nou ja dat gaat me te ver.
In het wild, in de polders rondom Rotterdam zitten tegenwoordig veel reigers. En ook in de wijktuin zie je ze vaak. Als het heel koud wordt, bivakkeren er soms wel meer dan vijftig bij de grote vijver daar.

Drama…

bron: Google foto’s

De vuurdoorn in onze tuin is dringend aan een snoeibeurt toe. Ik was dat al langer van plan, want weken geleden stond ik klaar om te gaan knippen. Toen begon papa Merel op de pergola angstig te piepen. Ik wist het niet, maar hij en moe Merel waren al aan een tweede leg begonnen. In het nest dat veilig leek, daar in die prikkende vuurdoorn. En dus liet ik de boel de boel. Dat snoeien komt later nog wel.
Niet dat ik rampspoed kon voorkomen. Want afgelopen zondag is het in de tuin ineens een kabaal van jewelste. Papa Merel vliegt van de ene kant naar de andere kant, met een dikke worm in zijn bek. Mama Merel fladdert heen en weer, angstig piepend. En een ander zielig piepen komt uit de vuurdoorn.
Dan springt de buurtkat ineens vanaf de schutting en schiet ijlings weg. Hij kijkt schichtig en schuldig achterom. Pffft…. het zal toch niet? Maar dan zie ik de beide vogels weer af en aan vliegen, met dikke wormen en slakken in hun bek. Het zal dus wel niet zo’n vaart gelopen hebben. Nog een paar keer horen we zulk kabaal en dan snellen we naar de deur, trekken hem open en roepen “ksss” om die kat te verjagen.
Maar gisteren hoorde ik opeens wel heel angstig piepen, maar zag ik geen kat. Ik installeerde me met goed zicht op de tuin. En al na een paar minuten kwam moe Merel aangevlogen. Ze landde op de grond, net naast het keitjespad. En ja, daar zat een klein mereltje. Ik zag z’n bekje opensperren. Even later wipte hij het pad op en och wat een kleintje was dat. Nog met fluffige nestveren, geen staart, niet in staat om te vliegen. Hij was ook een beetje mank. Die kat had hem dus wel degelijk te pakken gehad. Och arme, amechtig scharrelde hij rond en viel uiteindelijk tussen de keien. Je zag hem nauwelijks. Moe kwam er weer aan, met twee oranje bessen in haar bek. Merelkind nam ze nog wel aan, maar nee, dat mocht niet meer baten. Deze zou het niet halen.
Een klein drama, zo dicht bij huis, vlak onder mijn neus…. Je zou er een verhaal over kunnen schrijven.

Bewaren

Bewaren

Waterlelie

Eigenlijk is ie te groot voor ons kleine vijvertje. Het had een mini-waterlelie moeten zijn. Maar ja, dat had ik even over het hoofd gezien.

De eerste jaren bloeit zo’n plant niet, krijg je alleen maar bladeren. Maar dit jaar verraste ze met flinke knoppen. En ik vind ze zo mooi, zo sprookjesachtig. Dus zolang ze er nog wel inpast, mag ze blijven.

Misschien kan ik ze wel delen en iemand anders er een plezier mee doen. Dat moet ik toch eens aan de tuinman vragen. Voorlopig maak ik me geen zorgen. Ik geniet ervan.

Bewaren

Inwoning

bron: internet

Wel vaker hebben wij in de tuin inwoning van vogels. Maar dit jaar zijn het er wel veel. Voor en achter zitten merels in de klimhortensia en vuurdoorn, in de klimop huist een fitispaartje. Het is dan ook druk af- en aanvliegen. Schiphol is er niks bij 😉
Zolang er alleen nog maar eieren zijn, is het ook al druk maar vrij stil. Maar nu zijn er jonkies en die kunnen zich goed laten horen. Niet alleen wij horen ze, maar ik zie ook de loslopende katten hun oren spitsen. Die mogen nu even niet hier zijn en dus verjagen we ze met een driftig “kssss”. Ik vind het wel heel leuk, maar ja, rustig zitten in de tuin is even niet aan de orde. Wil je net je glas pakken, strijkt een merel neer op de schutting, zijn bek vol wormen. Dus schieten we in de “stilhoud modus” tot pa of moe naar het nest vliegen en we de kleintjes horen piepen. En net hebben we een slokje genomen, dan komt er alweer een andere ouder met proviand aan.
Nog even, dan vliegen ze uit en is de tuin weer van ons. Al zal ik het gepiep dan wel weer missen.

Bewaren

Kruid

Lennart gaf me op moederdag een plant. Niet zo maar een geranium of viooltje, maar een voor mij onbekend kruid: onsterfelijkheidskruid (Gynostemma pentaphyllum).
Het wordt ook wel “Southern ginseng” genoemd en smaakt een beetje zoetig, met een hint naar komkommer. Dat is niet zo vreemd, want het behoort tot de familie van komkommerachtigen.
Nu staat de pot op een kruidentrapje in onze voortuin. Elke avond geef ik het water en het groeit als kool…. eh als komkommer. Een klimrekje erbij zodat de lange ranken zich omhoog kunnen werken.
En natuurlijk neem ik er zo nu en dan een blaadje van.
Of ik er werkelijk onsterfelijk van zal worden, betwijfel ik. Dat is geen probleem hoor, het lijkt me helemaal niet leuk om iedereen te overleven en maar door te moeten gaan….
Maar duidelijk is wel dat onze zoon vindt dat ik nog maar lang mag leven 😉

Bewaren

Bezoek

Daar stond ie ineens aan de vijver. Tjemig, wat is zo’n reiger groot. Veel te groot voor ons kleine watertje, waar trouwens geen vis in te bekennen is. Maar goed, dat kan hij niet weten. Hij keek eens rond, bestudeerde de vijver uitgebreid, maar ja helaas… geen vis dus. En weg vloog ie. Dat kostte nog moeite, want de aanvliegroute is maar beperkt.
Misschien had hij daarom wel een beetje de pest in en wilde hij ons betaald zetten. Want twee dagen later zat onze achtergevel onder de stront. Dat werd dus ragen met de ragebol en ramen lappen. Allemachtig, wat kan zo’n beest schijten!

Bezoek

Een paar weken geleden zaten er ineens twee eenden in ons vijvertje. Als eerste kwam mevrouw Eend poolshoogte nemen. Ze zwom wat rond, proefde van het water en even later kwam meneer er ook bij.
Aan de ene kant is het wel leuk, maar ja… die vijver is niet echt groot, hooguit 80 x 150 cm. Weinig leefruimte voor twee eenden. Ze bekeken alles uit en te na, gingen even op de kant, snuffelden tussen onze planten. Maar uiteindelijk vlogen ze weg en zochten hun heil toch in groter water.

Spannende belofte

Ineens komt alles in de tuin tot leven. Heerlijk, al brengt het ook wel werk met zich mee. Maar dat doen Leo en ik samen en we hebben afgesproken dat het er netjes uit moet zien, maar dat het toch nooit perfect zal worden. Een polletje onkruid hier en daar heeft toch ook wel zijn charme 😉
Elk jaar vind ik het weer een wonder dat alles weer uitloopt, ook al leken sommige takken dood als een pier. Maar nee hoor, in de herfst knipte tuinman Hans vakkundig her en der wat af en zie….

Dat belooft dus binnenkort een regenbui van zacht paars/blauw langs onze pergola!