Vergane glorie

Alexandrium.jpgHoe ouder je wordt, hoe meer herinneringen… Tja, daar valt niet aan te ontkomen. En als je dan terug denkt, dan liggen sommige herinneringen in een wel ver verleden. Want wanneer werd Winkelcentrum Alexandrium nou toch gebouwd? Dat was ergens in de jaren 80. Het staat er dus al bijna 40 jaar. Inmiddels zijn er grote stukken bijgebouwd, verbouwd, gesloopt en opnieuw opgebouwd. Van de oorspronkelijke winkels is bijna geen een meer over. Er sluiten steeds meer zaken en dat is te zien aan de grote dicht getimmerde schuttingen. Geen best teken. Want al wordt er met veel bombarie de loftrompet gestoken, echt gezellig is het er niet meer. Kleine zaken hebben er geen bestaansrecht, want de huur die moet worden opgehoest is gigantisch. Jammer, want vroeger kwam ik er graag. Nu laat ik het vooral links liggen.

Kijk nou toch…

Al vele malen moet ik er langs gelopen zijn. Toch viel het me pas vorige week op. Naast een grote boom in de wijktuin staan twee houten bordjes, er liggen bloemen bij. Och, daar zal toch niet … Nee, een ongeluk lijkt me toch zeer onwaarschijnlijk.
Dan kijk ik wat beter en zie dat er op de bordjes iets staat geschreven. Het is de laatste rustplaats van twee hamsters. Ik denk dat kinderen in de bijgelegen flat hun huisdiertjes hier hebben begraven. En er een soort monumentje van hebben gemaakt. Wel lief, zo’n gebaar in een grote stad. Al zal het wel niet zo lang meer duren of de tijd wist elke herinnering uit…. rust-zacht.jpg

Nooit eens iets anders…

Vorige week waren we in de museumwoning in Vreewijk.
De woning is nog in dezelfde staat als pakweg 100 jaar geleden. De man die er met zijn ouders en later alleen woonde, hield niet van verandering. Toen hij stierf en de woningstichting het huis kwam bekijken, bleek dat er geen spat veranderd was. Geen badkamer, geen warm water, geen nieuw aanrecht, kraan of kastje. Zelfs de deuren war nooit overgeschilderd. Dat was zo uniek, dat besloten werd de woning niet aan de moderne eisen aan te passen, maar er een museumpje van te maken. Er is wel een nieuw verfje op de deuren en ramen gezet, maar nog in de oorspronkelijke kleuren. De meubels zijn bijeen gezocht in kringlopen en van donateurs.  Direct na binnenkomst val je de oude tijd in, van Liberty-stoel, petroleumstelletje, kolenkachel en kolenkit, zand-zeep-soda. Wij vonden het beslist een bezoek waard. Al is het alleen maar omdat we ons dan weer eens goed realiseren dat deze tijd toch wel heel veel comfort heeft.

Imposante man…

politiebureaDit politiebureau dateert van vele jaren geleden. Het is nu een woonhuis annex kantoor, geloof ik. De bewoners hebben die strenge politieman met zijn ferme helm toch nog steeds boven hun deur.
Maar ja, de bouw wordt almaar strakker en de politieagenten van nu dragen geen helm meer. Hoogstens een hip petje. Ze zijn niet langer zo indrukwekkend als vroeger.
Maar ja, ze bekeuren je nu ook niet meer omdat je buiten de toegestane tijd een matje uitklopt. Ach, alles verandert, dus ook dit. Maar hij blijft een foto waard!

Afgedankt

schrijfmachine.jpgOp één van mijn wandelingen zag ik deze schrijfmachine staan bij een kringloopwinkeltje. Er zat zelfs nog een stuk papier in, waar wat nonchalant op getypt was.
Kinderen van nu weten niet meer wat dit voor een ouderwets ding is. Want we hebben tegenwoordig bijna altijd een computer, of een laptop, tablet of smartfoon. Typen doen die jonge dingen met het grootste gemak, met twee vingers of ze appen met hun duimen. Zelf leerde ik nog keurig het tien vinger-systeem. Ik leerde nog wel meer, waar nu met een vragende blik op wordt gereageerd. Want wie schrijft er nog een briefkaart, wie ondertekent nog “met de meeste hoogachting” of zoekt de juiste titulatuur van de geadresseerde op. Aan “de Weledelgestrenge Heer ….. of was het Hoogwelgeboren…. ? We mailen nu dagelijks, of sturen een what’sapp. Op kantoor zijn al lang geen zalen met typistes meer, die driftig tikkend de correspondentie uitwerkten. Stenografie lijkt ook iets uit een ver vervlogen tijd.
Ik heb geen heimwee naar deze antieke schrijfmachine, met zijn toetsen waar je vingers tussen bleven haken en je zorgvuldig gelakte nagels op afbraken. Ik verlang niet meer terug naar het lint dat verwisseld moest worden, altijd net op het moment dat het niet uitkwam. Nee, laten we dit apparaat maar in een museum plaatsen. Zijn tijd is geweest en wat de komende decennia zal brengen, dat merken we vanzelf wel…

Liefde en passie

Met Marthy loop ik over de Westzeedijk in Rotterdam. We bewonderen de mooie huizen en zien een deur open staan. “Kijk eens wat een mooie trap” zeg ik en dat is voor de daar bezig zijnde schilder reden om uit te roepen “Kom gerust even binnen kijken”. Dat laten we ons geen twee keer zeggen en dus bewonderen we de fraai beschilderde muur in de hal, de schitterende kroonluchters en de mooie witmarmeren trap. De zijkanten zijn fraai versierd en wit geschilderd en er ligt een mooie houten leuning op. De schilder legt daar net de laatste hand aan. Hij vertelt met veel liefde en passie over het vak dat hij al lang uitoefent. Ik herken dat, mijn vader was ook zo’n schilder. De man vertelt dat het huis is aangekocht door vrij jonge mensen en helemaal gerestaureerd zal worden en in oude luister hersteld. Goed dat daar gelukkig nog geld voor wordt uitgegeven en leuk om zoiets dan te kunnen zien. We hadden graag ook in de kamers een kijkje willen nemen, maar dat zat er helaas niet in.

Natuur in de stad

Natuur-in-de-stad.jpgOké, je moet het wel ruim zien, die natuur. In wezen is het niet meer dan een polletje gras. Maar kijk waar het groeit! Midden tussen het metaal en het asfalt van de Erasmusbrug in Rotterdam. Met dagelijks duizenden auto’s die langsrijden, trams, fietsers, joggers en motorrijders die er aan voorbij snellen. En toch, fier recht op in de wind. Dat vind ik wel heel stoer en een teken dat de natuur zich niet laat ringeloren door al die mensen-bedenksels. Dat er overal wel een mogelijkheid is om te groeien. Het mag dan alleen maar gras zijn, het is sterker dan wij denken!

Vrolijk

Boedha.jpgIk ben niet religieus, maar toch heb ik een zwak voor Boeddha. Er zijn verschillende  Boeddha-beelden, in soorten en maten, soms heel sereen, soms wat streng.
Maar de leukste vind ik de “lachende Boeddha”, zo’n dikbuikige man met een lach van oor tot oor.
En deze vind ik helemaal het einde. Ik weet eigenlijk niet of je Boeddha een muts op mag zetten of hem tot tassenverkoper mag degraderen. Maar toen ik hem zag, kon mijn dag niet stuk. Hij brengt alle sores weer een beetje tot redelijke proporties. Of ik nou wil of niet, hij maakt me aan het lachen.

Icoon

De Hef-001Al wandelend zagen we diverse malen dit Rotterdamse icoon: de Hefbrug, of op z’n Rotterdams kortweg De Hef. Nog ouderwets met klinknagels gemaakt, stoer symbool van onze stad. Want Rotterdam heeft niet alleen de Euromast en de Erasmusbrug. Er zijn nog zo veel andere markante gebouwen en objecten te vinden.
De Hef-002
De Hef is niet meer als spoorbrug in gebruik, maar is wel een Rijksmonument. Maar vooral is het een markant punt in de stad. Goed te zien vanaf de Erasmusbrug en meer dan vele malen gefotografeerd. Ach, laat ik er dan ook nog maar een fotootje tegenaan gooien 😉

IJsje…

IJsje.jpgGisteren was het zulk mooi weer, daar konden we geen weerstand aan bieden. Dus pakten we metro naar het Oostplein en liepen we wat wij onze “bruggenloop” noemen. Eerst een stuk langs de Maas, over de Willemsbrug en via het Poortgebouw naar de Erasmusbrug. Nog even doorlopen naar station Beurs of via de Witte de Withstraat naar het Eendrachtsplein. Overal terrasjes vol met gezellig pratende mensen, nippend aan een glas witte wijn of stoer een biertje drinkend. Wat ziet de wereld er toch anders uit als de zon schijnt.
En kijk, zelfs de ijszaak was al open. Met nog maar een beperkt assortiment, maar toch…! Zullen we nou wel of niet….? Ja natuurlijk, kom op, zo’n heerlijk ijsje, het eerste van het jaar, dat laat je toch niet schieten? Toen ik op het bankje voor de zaak van mijn ijsje likte, kwam er een gezin naast me zitten. Twee kinderen van net drie turven met roze bolletjes ijs in hun bekertje, papa achter de kinderwagen en moeder, likkend aan een hoorntje mango-ijs. “Kijk eens, ik heb nou roze slagroom…!” kraaide het meisje. “Lekker hoor”, knikte moeder. “Wil je ook een likje van mij?” “Nee getsie, dat is poepijs!” Ik keek eens goed en ja inderdaad, dat mango-ijs leek op geel-groene baby-poep. Ik was blij dat ik het niet had genomen. Het leek mij ook niet zo lekker 😉 😉 😉